Rioned: ‘Drukte ondergrondse infra vereist meer regie door gemeenten’

Het is druk onder de grond met kabels, leidingen, gebouwde objecten en andere zaken. En het wordt daar door de energietransitie alleen maar drukker. Gemeenten moeten daarom meer regie gaan voeren op ruimte, werkzaamheden, geld en de betrokkenheid van bewoners. Dat betoogt directeur Hugo Gastkemper van kenniscentrum Stichting Rioned in zijn column voor Infrasite.

Boven de grond wordt ruimte steeds schaarser en duurder. De situatie onder de grond, en dan met name de eerste gebruikslaag van een paar meter diep, gaat daar meer en meer op lijken. Daar bevinden zich de kabels en leidingen voor gas, elektriciteit, (afval)water en telecom, maar ook objecten als vuilcontainers, parkeergarages, kelders en waterbergingen. Verder vinden we in die grondlaag boomwortels, resten uit het verleden en verontreiniging.

Vooral vanwege de energietransitie gaat daar nog het nodige bijkomen, zeker in bebouwd gebied. Dan gaat het over warmtenetten voor gebouwenverwarming en elektriciteitskabels. Of de gasleidingen gaan verdwijnen is nog maar de vraag, want die worden mogelijk ingezet voor het transport van waterstof. En we willen met elkaar nog méér waarvoor we onder de grond moeten zijn: 5G en mogelijk 6G, bomen en wateropslag voor klimaataanpassing, laadpalen, ondergrondse opslag en instrumenten om het verkeer te monitoren en reguleren.

Regels alleen zijn niet genoeg
En juist waar het al druk is, dus waar veel mensen werken en wonen, wordt het onder de grond alleen maar drukker. Er zijn wel regels om dat in goede banen te leiden, maar dat is niet genoeg. Want met de al genoemde warmtenetten komt er een hele grote gebruiker onder de grond bij, vergelijkbaar met de riolering. Daarom is er inzake drukte onder de grond op vier gebieden meer regie van gemeenten nodig: ruimte, werkzaamheden, geld en de betrokkenheid van bewoners.

Regie gaat ook over de vraag: wat mag waar in de grond liggen?

Het zal bijvoorbeeld vaak niet lukken om die warmtenetten onder trottoirs te leggen, dus zullen er straten voor opengebroken moeten worden. Dat heeft alleen al voor de bereikbaarheid enorme gevolgen en vraagt dus om meer regie op werkzaamheden. Warmtenetten zijn het meest geschikt voor dichtbevolkte gebieden, dus dan heb je het veelal over wijken met sociale huurwoningen. Bewoners zitten daar niet per se te springen om warmtenetten, want hun woningen zijn immers al verwarmd. Ik pleit ervoor dat gemeenten met die bewoners gaan praten over het verbeteren van hun leefomgeving. Dus als een straat dan open moet voor de aanleg voor een warmtenet, kun je daar meteen verbetering van de hele openbare ruimte in meenemen. De boodschap wordt dan: we gaan de leefbaarheid van uw straat verbeteren en daar hoort ook een aansluiting op het warmtenet bij. Meedoen met de energietransitie wordt op die manier beloond.

Nieuwe inrichting van openbare ruimte
Regie op ruimte gaat ook over de vraag: wat mag waar liggen? Dat is in sterke mate een kwestie van goede afstemming in ruimte, tijd en organisatie. Het vergt vaardigheden op het gebied van techniek, organisatie, onderhandeling en uiteindelijk ook doorzettingsmacht. En dan is er nog de regie via het geld. Vernieuwing van de openbare ruimte wordt nu vooral betaald uit gemeentelijke potjes voor wegen, groen en riolering. Door die potjes met elkaar te combineren, kun je tot een nieuwe inrichting van de openbare ruimte komen.

Rioolbuizen liggen vrij diep onder de grond en het vervangen ervan is ingrijpend. Het opbreken en weer aanleggen van de weg kan dan ten laste van de riolering komen. Het zou mooi zijn als de warmtenetten ook op die manier gaan betalen voor de wegen die erboven liggen. Dat geeft een extra financieringsbron voor de totale openbare ruimte. Dit kan het beste als gemeenten net als bij de riolering de zeggenschap over de warmtenetten hebben en kunnen beslissen over kosten en baten.

Meer dan alleen beslissen en uitvoeren
Dat het erg druk is ondergronds en het er alleen maar drukker wordt, realiseren gemeenten zich goed. Dat blijkt wel uit een recent aangenomen motie door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten over samenwerken aan de ruimtelijke inpassing van de energietransitie in de ondergrond. Het zijn vaak de andere betrokkenen die dit (nog) niet doorhebben. Maar de aanleg van al die ondergrondse voorzieningen ligt echt het kritieke pad van realisatie van de energietransitie in de gebouwde omgeving.

Te veel mensen denken dat het een kwestie van beslissen en uitvoeren is. Maar zo’n warmtenet aanleggen is een enorme kluif waar ruimte voor nodig is. En tijd, om alles niet tegelijk te hoeven doen. Want als dat wel gebeurt, zijn steden straks onbereikbaar. Dus daarom is er een door het Rijk gesteunde sterkere regie door gemeenten nodig. Een terugtredende overheid is in dit hele verhaal wel het laatste wat we moeten willen. Want zonder de ondergrond komt de energietransitie in de stad niet van de grond.

Bron: Infrasite.nl, 10 augustus 2021