Netcongestie speelt een steeds grotere rol bij woningbouw, verduurzaming en economische ontwikkeling. De beschikbare capaciteit op het elektriciteitsnet bepaalt steeds vaker waar ontwikkelingen mogelijk zijn en in welk tempo ze kunnen worden gerealiseerd.
Voor gemeenten is netcongestie dan ook meer dan een technisch probleem van de netbeheerder. Het speelt mee bij ruimtelijke keuzes. Een locatie kan bijvoorbeeld geschikt zijn voor woningbouw, terwijl er onvoldoende capaciteit beschikbaar is om die woningen op het gewenste moment aan te sluiten.
Energie eerder meenemen in plannen
Energie moet daarom al vroeg een plek krijgen in ruimtelijke plannen. Juist wanneer er nog keuzes worden gemaakt over locaties, programma’s en de planning van ontwikkelingen, is het belangrijk om te weten wat het energiesysteem aankan.
Dat is in de praktijk niet altijd eenvoudig. Gemeenten werken aan woningbouw, bedrijventerreinen, verduurzaming en andere ontwikkelingen die allemaal ruimte en energie vragen. Tegelijkertijd kost het uitbreiden van het elektriciteitsnet tijd.
Een project moet daardoor soms worden uitgesteld of anders worden gefaseerd. Ook de locatie kan verschil maken: op de ene plek is meer ruimte op het elektriciteitsnet dan op de andere.
Met energieplanologie worden dit soort vragen eerder meegenomen in de planvorming. Welke ontwikkelingen komen eraan? Hoeveel energie is daarvoor nodig? En welke aanpassingen aan het net zijn nodig om die plannen mogelijk te maken? Zo ontstaat eerder zicht op wat haalbaar is en waar knelpunten kunnen ontstaan.
Energieplanologie en ruimte voor infrastructuur
Bij energieplanologie speelt ook de fysieke ruimte voor energie-infrastructuur een belangrijke rol. Uitbreiding van het elektriciteitsnet betekent dat er nieuwe kabels, stations en andere voorzieningen bij komen.
Vooral in de ondergrond kan het passen en meten zijn. Elektriciteitskabels delen de beschikbare ruimte met onder meer telecomkabels, drinkwaterleidingen en riolering. Ook infrastructuur voor warmte vraagt op steeds meer plekken om ruimte. Bovengronds spelen ondertussen opgaven rond woningbouw, vergroening, mobiliteit en klimaatadaptatie.
Bij gebiedsontwikkeling is het daarom belangrijk om vroeg in beeld te hebben welke infrastructuur nodig is en hoeveel ruimte daarvoor moet worden gereserveerd. Als dat pas later duidelijk wordt, kan het lastig zijn om nog een geschikt tracé of een locatie voor andere voorzieningen te vinden.
Samen plannen
Voor energieplanologie is goede afstemming tussen gemeenten, provincies en netbeheerders belangrijk. Gemeenten hebben zicht op de ontwikkelingen die eraan komen en de keuzes die daarbij worden gemaakt. Netbeheerders weten waar het elektriciteitsnet tegen grenzen aanloopt en welke uitbreidingen gepland zijn.
Door die informatie vroeg met elkaar te delen, kunnen mogelijke knelpunten eerder worden meegenomen in de planning. Netcongestie verdwijnt daar niet mee, maar het verkleint wel de kans dat een project pas in een laat stadium tegen beperkingen van het elektriciteitsnet of een gebrek aan ruimte voor infrastructuur aanloopt.
Energieplanologie krijgt daarmee een steeds grotere plek binnen de ruimtelijke praktijk. Bij nieuwe ontwikkelingen is het belangrijk om vroeg te weten hoeveel energie nodig is, wat het net aankan en welke ruimte nodig is voor de infrastructuur die daarbij hoort.
Bron: Binnenlands Bestuur, naar aanleiding van een kennisbijdrage van Wietske Teeuwisse (Business Unit Director Energietransitie), Team EIFFEL.